Dit is een afdrukvoorbeeld van de pagina.

Nederland:
+31 (0)30 248 48 48
België:
+32 (0)14 587 843
e-mail:
info@contimeta.com

Flowpack materialen

Flowpack materialen

Flowpack materialen

Flowpack wordt vaak ingezet bij het verpakken van relatief kleinere producten. Vooral bij consumentenproducten kunnen de aantallen zeer hoog zijn. De producten worden dan met hoge snelheid verwerkt en waarbij het belang van bedrijfszekerheid toeneemt.
De storingsvrije verwerkbaarheid van de materialen is daardoor essentieel. Maar ook de bedrukbaarheid en afschermingeigenschappen van de folie zijn zeer belangrijk.

Het kiezen van het juiste materiaal is een samenspel tussen de machineproducent, de marketingafdeling en de grondstoffenleverancier. Voor het bepalen van de machine is de verwerkbaarheid zeer belangrijk. Hier volgen een aantal aandachtspunten die hierbij een rol spelen:

Lasmogelijkheden

Het materiaal kan gelast worden door middel een van een warme of een koude las.

Het proces van de warme las proces kent drie stappen:
1. Het verwarmen van de twee folielagen waarbij de binnenste lagen onder druk met elkaar in contact worden gebracht.
2. Het afkoelen van de materialen
3. Het consolideren van de hechting tussen de twee folielagen

Bij dit proces is het belangrijk dat de temperatuur is afgestemd op het smeltpunt van de binnenste folielaag. Deze temperatuur moet goed gecontroleerd kunnen worden. De daarbij uitgeoefende druk moet voldoende zijn om de buitenste lagen goed met elkaar in contact te brengen en de hitte overdracht tussen de lagen te kunnen laten plaatsvinden, echter moet weer niet te groot zijn zodat de foliestructuur niet beschadigd raakt. De tijd waarin de binnenste laag warm en vloeibaar kan blijven wordt bepaald door de snelheid waarmee de folie verwerkt wordt. Hoe groter de benodigde capaciteit, des te korter is de beschikbare verwerkingstijd en des te hoger zullen de eisen zijn ten aanzien van warmteoverdracht tussen het lasstempel het materiaal.

Een koude las wordt toegepast wanneer een warme seal vanwege de producteigenschappen niet mogelijk is, of wanneer zeer hoge capaciteiten benodigd zijn (verwerkingssnelheid hoger dan 80 meter per minuut). In het geval van een koude las wordt alleen daar waar de las wordt gemaakt een laag aangebracht welke tijdens het verwerkingsproces op kamertemperatuur onder druk hecht aan de andere folielaag.

Oppervlakte eigenschappen

Ten aanzien van de oppervlakte dient men bij flowpack materialen rekening te houden met drie belangrijke eigenschappen:
1. De gladheid van de film dient consistent te zijn.
2. Het materiaal dient zich goed te kunnen lossen van de lasstempel.
3. De ontwikkeling van statische elektriciteit welke ontstaat door wrijving tussen machine en foliemateriaal dient voorkomen te worden.

Overige parameters

Na de las- en oppervlakte-eigenschappen zijn er natuurlijk nog meer parameters van belang, waarvan we de belangrijkste kort kunnen weergeven:
1. Stijfheid: Dit is o.a. relevant vanwege de mogelijkheid tot ontstaan van vouwen in de las. De stijfheid is afhankelijk van het productieproces waarmee de folie gemaakt wordt.
2. Treksterkte en puntbelastingsweerstand: de treksterkte en puntbelastingsweerstand zijn bepalend voor het breuk- of scheur-risico.
3. Thermische stabiliteit: vooral tijdens het lasproces loopt het materiaal kans te vervormen.

Toegepaste Flowpackmaterialen

Toegepaste Flowpackmaterialen

Het Flowpack materiaal bestaat meestal uit meerdere lagen. Iedere laag heeft zijn eigen kenmerken. Door de verschillende lagen te combineren ontstaat een folie met de juiste eigenschappen. Hier volgt een kort overzicht van de belangrijkste beschikbare materiaalsoorten.

1) Polypropyleen: zeer breed toegepast als basislaag. PP is echter in geblazen vorm niet geschikt om te lassen. Daarvoor is een extra laag nodig. In geblazen vorm is het thermisch (tot 150 gr. Celsius) zeer stabiel, helder en bedrukbaar en wordt daarom vaak toegepast als buitenlaag. In gegoten vorm is polypropyleen wel geschikt om te lassen. Vaak wordt een combinatie van beide gebruikt waarbij voor de buitenste laag de geblazen versie wordt gebruikt en voor de binnenste laag de gegoten versie.

2) Papier: wordt weinig ingezet, hooguit bij farmaceutische toepassingen. Dient altijd gecombineerd te worden met een extra laag voor de las.

3) Aluminium: het gebruik neemt af omdat het veelal wordt vervangen door een gemetalliseerde polypropyleen folie. In de farmaceutische industrie wordt het nog wel toegepast. Het heeft goede eigenschappen t.a.v. temperatuurbestendigheid, lichtdoorlating, hygiƫne en vervormbaarheid (het behoudt een aangebrachte vouw).

4) Polyester (PET): Ook deze folie dient altijd gecombineerd te worden met een lasbare laag. Het kan ingezet worden bij temperaturen variƫrend van -70 tot +180 graden Celsius. Het is daarom ideaal voor het verpakken van producten die ingevroren of gesteriliseerd dienen te worden. Het is een helder materiaal dat geen gas door laat.

5) Polyethyleen (PE): Goed verwerkbaar materiaal dat vanwege haar betaalbaarheid en goede laseigenschappen vaak wordt ingezet als binnenlaag.